| Survival 2004 Aanwezig waren: Jan Kalsbeek, Dirk
Edelenbos, Frans v/h Hek, Willem Helfrich, Roy Adrianov, Paul v/d
Hulst, Robbie Poelstra, Menno Cramer en de gids Johannes (Hans)
Langoor.
Donderdag 1 April
Het Vertrek naar de Ardennen stond gepland om 06.30 uur. Op Jan
na was een ieder aanwezig. Toen deze om 07.15 uur nog niet
gearriveerd was begonnen we ons al enige zorgen te maken over onze
outdoor-keukenprins. De kar was opgeladen, aangesnoerd en de
auto ingepakt. Maar nog steeds geen Jan. Na enig telefoneren kwamen
we er achter dat hij onderweg was. Toen hij uiteindelijk verscheen
verontschuldigde hij zich. Tevens meldde hij dat zijn wekker wel
afging en dat hij dacht, “mooi die doet het nog”. Hierop had hij
zich weer omgedraaid om verder te slapen. Tot op heden zijn we er
nog niet over uit of dit nou een 1 april grap was of niet. Om 07.45
uur reden we uiteindelijk de poorten van de BHP uit. Omstreeks 12
uur reden we Maastricht binnen op zoek naar de laatste `Shell`pomp
in Nederland. Dit op aanwijzing van (kaartlezer) Paul. Heerlijk om
toch nog een beetje het idee te hebben dat er een vrouw mee was.
Want om 14.00 uur reden we afgetankt de grens over. Nu was de tijd
gekomen om proviand en de gids in te slaan. Want een surviver kan
niet zonder junk/food, drank, GSM, opblaasbed, toiletpapier en
Peper.
Aankomst Met onze wagen volgeladen kwamen wij op een prachtige
locatie aan. Aan de rand van het bos op een driesprong van stromende
beekjes zou ons kamp komen. Na wat gegoochel met touw en zeil, en op
aanwijzing van Hans verrees tot onze verbazing een solide
onderkomen. Vervolgens legden we onze dranken te koelen in de stroom
en gingen hout kappen kopen omdat Frans zijn kapmes wat aan de
kleine kant was. Tot slot rees ons nog een vraag, van wie was de
schoenpoetsmachine…. Bij vallen van de avond had Jan een fijn soepje
met, `gehaktballen` gekookt. Hierop stond de eerste ontbering op het
program. Een stukje wandelen. Na een tocht van een kleine 2 uur, in
een door Hans uitgestippelde route (vooral niet over paden), had
Dirk het bloed al in de schoenen. Terug in het kamp begonnen wij ons
toch enige zorgen te maken. Dit omdat we gedurende de hele dag er
aan herinnerd werden dat een ontgroening aanstaande was. Het was
tenslotte onze eerste survival. Na een gezellige avond met
openhartige gesprekken, mannen onderling onthullingen en de nodige
consumpties werd het tijd voor Hollands verdriet. Niemand ter aarde
weet, hoe het eigenlijk begon…. Maar voor de meeste waren dit de
slaapliedjes. Toen wij ons omstreeks 03.30 uur als laatste
neerstreken zat een ontgroening er niet meer in. Het was tenslotte
ook al 2 April.
Vrijdag 02 April
Bij het krieken van de dag was het tijd voor nog wat extra ontberingen. Ik en mijn
bouwvakker. En waarom we ei met spek over onze longen moesten roken.
Na dat dit laatste onze maag had bereikt trokken we de stoute
schoenen aan (sommige met bloed) en gingen we richting de kloof van Alhay, Abseilen geblazen. Maar eerst nog wat SmS-kes de deur uit,
vooral die van Roy.
Abseilen
Na de top van de heuvel te hebben bereikt zonk de moed ons in de
schoenen. Om er maar vanaf te wezen ging ik, Robbie, maar als
eerste. De dood of de gladiolen!. Met een snelheid van zo´n 220
hartslagen per minuut zeilde ik als een jonge meid op pumps over een
grindpad, de berg af. (Bron/Dirk E) . Hier op volgden de grotere
goden met meer ervaring. Met ware doodsverachting gooiden ze zich
van de berg af. En voor de variatie demonstreerde Paul ons een
ruglanding. Dirk wist het te presteren om zijn reeds gehavende
onderbeen geheel in de berg te laten verdwijnen. Maar de klapper en
het meest gewaardeerd door de jury was de Break-dance landing met
omgekeerde judo rol, van Jan Dalsbeek. Duidelijk was dat de
testosteron plaats had gemaakt voor een overdosis adrenaline, en dat
de overwinning van `het abseilen zege vierde. De middag was
ingeruimd om met de kano het wilde water te trotseren. Het was niet
ver van het kamp, slecht’s een half uurtje rijden volgens de gids.
Na anderhalf uur rijden kwamen we aan bij het kano gebeuren. Volgens
de ansichtkaart moest het hier ergens zijn.
Kano
Achter in de huif van de Jeep, tussen peddels, zwemvesten en
reserve banden werden we gedurende 30 minuten gecentrifugeerd en
naar het hoog(s)te punt van de bedding gebracht. Hier stond ons een
tocht van ongeveer 25 km stroomafwaarts te wachten. Na een
schietgebedje en een laatste foto voor thuis, hesen we ons in de
life-saving-jackets. Dit keer kregen we geen kaartlezer mee, die ons
kon waarschuwen waar takken over het water hingen en de onderwater
liggende keien zich bevonden voor een gegarandeerd nat pak. Mr Guide`Hans`
had voorzorgsmaatregelen genomen met een wetsuite, of handelde met
voorkennis. Dit in tegenstelling tot de rest van de groep die geen
droge kleding bij zich had. `Wij gaan wel als laatste` was het plan.
Dit om te zien waar de knelpunten op de route lagen en om droog over
te komen. Dit bleek al snel een illusie. Want het werd een sport om
onderwater liggende keien te ontwijken en vooral anderen hier niet
voor te waarschuwen. Dus we positioneerden ons naar een tweede plek
om de kunst van het ontwijken af te kijken. En alsof Paul al niet
nat genoeg was. Gooiden Dirk en Roy tijdens de vaart de nodige
liters water met hun peddels in zijn Kajak. En Paul (die wel wat
help had kunnen gebruiken) had het al zo zwaar met het boegbeeld
Franciscus de passieve van´t Hek.
Al met al was het een spannende tocht in een prachtige omgeving.
Iedereen was bij aankomst nat en koud tot op het bot. En met
jaloerse blikken keek een ieder naar de droge kleding die Menno en
Hans uit de auto toverden. Een uur later waren we terug in het
basiskamp al waar we ons op maakten voor het avondmaal. Vanavond
stonden er soep/shoarma en spare ribs met boontjes op het menu.
Nadat Robbie ons getrakteerd had op een niet te versmaden pan
shoarma met knoflooksaus. Stortte een ieder zich (na hem te hebben
gecomplimenteerd) op de tweede pan van zijn hand. Dit brandende
verlangen werd afgestraft met een gepeperde rekening. De vlammen
sloegen ons uit de mond, en we stonden in de rij bij de vuilniszak.
Ook de volgende dag had geen van ons een prettige stoelgang, Dirk
had zelfs de witte vlag gehesen. Een slechte 2 april grap. Na
wederom een gezellige avond werd de kloof tussen medior en senior
ons duidelijk.
Zaterdag 03 April
Ook vanochtend zat de man met de hamer weer aan het ontbijt. Onze
keukenprins trakteerde ons weer op ei met ui en sghartig spek. En
Roy had zijn eerste 15 sms´jes de deur uit.
Finding Nemo Het plan was om te gaan ochtend vissen. Niet met
hengels van 1000 euri maar met naald en draad. Back to basics.
Aangekomen, na (jawel!) de gebruikelijke omwegen en dalen, kwamen we
aan bij het oud Belgisch aquarium vissen. Zeven hengelaars zonder
hengel kregen de opdracht om de 13 uitgezette forellen aan hun
zelfgemaakte haken met lood, te slaan. Alleen Menno vond dit de
schaamte voorbij en zocht zijn heil in literair geschreven woorden
van Bukowski gedrukt op vloeien papier (later opgemerkt als perfect
haard perkament). Na 2 uur te hebben gehengeld zonder hengel volgde
het hoogte punt. Zonder medeweten van de vissers, werd het vis
quotum beloond met een prijs. Derde werd Robbie. Twee visjes waren
goed voor een life-hammer voor op de fiets. De tweede prijs was voor
Willem. Goed voor, en het mysterie onthuld,…de
…schoenpoetsmachine..!, en winnaar met 4 viskes Mr Guide `Hans`.
Goed voor een handzaam oplaadbaar licht. De vis werd duur betaald Na
alle opwinding en blijdschap, want het valt niet mee om met een
zuiver geweten een uitgezette vis tegen een steen dood te slaan,
gingen we…. fietsen.
A.T.B. Hier zou het gebeuren. De koers was uitgezet en zou een
40 kilometer bedragen. Uitgezet in een terrein van o.a. 8% hellingen
en dalen en langs het F.1. circuit van België. De geoliede Hi-tech
stalen rossen die de doorgewinterde survivallers van huis hadden
meegenomen kwamen uit het vet. Het was immers hun lust en hun leven.
Wij (Omke & Romke) moesten het doen met 2 ex-rentals met versleten
remblokjes. Daar ging ie...... Bergje op, Bergje op, bochtje, nog
een bergje op en hopen dat achter de volgende bocht een dalinkje zou
zitten. Helaas, nog een bergje op. Toen werden we voorbij gestoven
door Willem en Dirk. In de bezemwagen wel te verstaan. Pap in de
benen, of was het rum? Het laatste gedeelte van de tocht bevatte een
afdaling die voor fietsers sterk afgeraden werd. Maar niet voor Mr.
Guide Hans en zijn gevolg. De gang er in. De laatste kilometers
gingen door een bosrijke omgeving al waar Hans nog onzacht in
aanraking kwam met de grond. Gelukkig geen kwetsure, ale´. Nieks aan
de hand! Uiteindelijk kwamen wij, Jan, Menno, Robbie en Hans, met de
tong op onze schoenen aan in kamp thus. Tied fur een stevige
maaltied.
Het laatste avond maal. Zoals elke avond werd de stam gedekt door
Jan de Cuisinebeek. De forellen werden ontdaan van hun haken,
schubben en graten. Mr Guide Hans had nog een soort van kapstok uit
de boom gekapt. Als een wigwam (Tipi) zonder zeil hing hij de
forellen te roken. Voor een ieder werd een gepofte aardappel uit het
vuur gehaald en door Jan er weer ingegooid om uit te garen. De clou
van dit verhaal; “als de rapen gaar zijn, zijn de piepers verbrand.”
De vis smaakte heerlijk. Voor de tweede gang werden spare-ribs met
doperwten geserveerd. En de derde en vierde gang bestond uit Shoarma
met doperwten, spare-ribs in een wieder-gutmachungs-knoflooksausje
van Robbie. De rest van de avond werd besteed aan het vloeibare
dessert. Er waren nog wat staartjes rum, whisky en cognac waarvan de
doppen al weg gegooid waren. En hiermee kwamen gelijk de sterke
verhalen weer op gang. Met dat het vuur aan het eind van de avond
doofde werd het zicht ook wat minder. Dit zal ook de reden zijn
geweest dat we Paul niet in de sloot hebben zien vallen. Dit werd
ons pas duidelijk toen we de kreet “Jonges Help Me” hoorden. De
redding was nabij, en de legende was geboren. “PAUL v/d HELP. “ Met
dit hoogtepunt van de avond gingen de oogjes dicht en de snaveltjes
toe. Welterusten.
Zondag 04 april.
Visite en vis blijven maar vier dagen fris. Tijd om op te pakken
dus. Maar niet na de gebruikelijke sms-jes van Roy en een stevig
ontbijt van turks brood met shoarma,ei en een medicinaal biertje.
Hier wist Mr. Guide Hans nog te vertellen, dat de spare-ribs botjes
vannacht waren opgeruimd door een vijftal vossen. Hierop volgde een
laatste groepsfoto, gevolgd door ochtend- gymnastiek. Mr. Guide Hans
(en voor ons Kazan) had twee touwen over de wilde beek gespannen. Na
een bewonderingswaardige snelle oversteek van Hans. Viel aan ons de
beurt. En dit viel niet mee. Jan hield het na een Lambada op het
touw voor gezien. Hij ontving hiervoor echter wel een warm applaus
en vooral veel waardering. Slechts een enkeling wist de oversteek te
maken. Na dit onderdeel verlieten we ons logeer adres. Om de honger
op te wekken gingen we nog langs een pittoreske begraafplaats. Omdat
het hier al gauw een dooie boel bleek te zijn werd traditioneel
koers gezet richting de Chinees in Vaals. En wat een weelde, een
heus toilet. Na een heewlijk chinees maal gegarneerd met haren van
de kok, was menno ‘s honger nog niet gestild. Na een visje uit het
Chinese aquarium (zonder haar) namen we afscheid van Hans en zijn
inmiddels aangeschoven vriendin. Op naar huus.
Terug kijkend als benjamins van het eerste uur hebben we een
prachtige tijd gehad en de volgende woorden zijn volgens ons van
toepassing op deze survival: Broederschap, vertrouwen, gezelligheid,
afzien, doorzettingsvermogen, sportiviteit, discussies, mijn gelijk,
jouw gelijk, ons gelijk, iedereen gelijk en ........... Volgend
jaar?, zijn wij er zeker weer bij............ OMKE (Menno) & ROMKE
(Robbie) *Speciale dank en waardering aan Hans Langoor. En de P.O.V.
die dit evenement mede mogelijk heeft gemaakt. |